Ik geef het toe. Ik heb al jarenlang een zwak voor eendjes. Ik kijk graag naar ze vanop een bankje in het park als ze neerstrijken in de vijver. Wat ik me dan afvraag is of eenden elkaar begrijpen. Of zo’n eend die helemaal vanuit Frankrijk komt overgevlogen kan communiceren met een Vlaamse of Nederlandse eend? En wat voor taal spreken ze dan? Eends? Of Kwaaks? Een ding is zeker, wat eenden heel goed kunnen, is wegduiken. Een belangrijke eigenschap om als eend het jachtseizoen te overleven. In het Engels heet wegduiken niet voor niets to Duck. Duck, eend. Heb je hem? Goed, laten we maar eens Duck spelen!
Duck bestaat uit 69 eendenkaarten (23 kaarten in drie kleuren – geel, blauw en rood – met waarden van nul tot acht), vijf strandlakenkaarten (een per speler) en vijf reddingsboeikaarten. Er zijn in totaal 5 ronden (iedere reddingsboeikaart staat voor één ronde). Iedere ronde probeert een speler als eerste zijn kaarten (iedere speler krijgt bij aanvang 7 handkaarten) uit te spelen. Wie daar als eerste in slaagt, wint de reddingsboeikaart (die kaarten hebben een waarde oplopend van 6 naar 10). Dus de eerste ronde zijn er 6 punten te verdienen, de laatste 10.
Een ronde start dus door iedere speler zeven handkaarten te geven. De overgebleven eendkaarten vormen een trekstapel. De kaarten liggen omgekeerd, je ziet dus niet welke kaart de bovenste is. De speler die de kaarten gedeeld heeft, legt nog een kaart open voor zich neer. Dit is zijn persoonlijke aflegstapel.
Hoe speel je handkaarten uit? Ofwel leg je een aantal kaarten (minstens één) met dezelfde waarde op tafel (kleur maakt niet uit), bijvoorbeeld een gele drie en een blauwe drie. Ofwel speel je een op- of aflopende rij van kaarten (minimaal drie) van dezelfde kleur uit, bijvoorbeeld een rode twee, rode drie en rode vier.
De uitgespeelde kaarten vormen de aflegstapel van iedere speler. De laatst gespeelde kaart ligt open bovenaan. Als een speler kaarten uitgespeeld heeft en hij heeft nog handkaarten over dan neemt hij één kaart van een trekstapel. Hij heeft de keuze uit drie stapels. De gemeenschappelijke trekstapel, de aflegstapel van de linkerbuur of de aflegstapel van de rechterbuur.
Goed, de ronde stopt dus als een speler zijn laatste handkaart neerlegt. Die speler wint de bovenste reddingsboeikaart en legt die onder zijn strandlaken. De andere spelers tellen de waarden van hun handkaarten op. De speler met de hoogste som legt al zijn kaarten neer. De andere spelers mogen de kaart met de hoogste waarde onder hun strandlaken leggen. De waarde van die kaart zijn de behaalde punten. Het kan dus dat een andere speler meer punten scoort dan de speler die de ronde beëindigde.
Er is nog een andere manier om een ronde te beëindigen. Je kunt namelijk besluiten om weg te duiken (to duck, wat meteen de naam van het spel verklaart). Wegduiken mag je als de som van jouw handkaarten 10 of minder is. Als je wegduikt hoop je als enige speler de laagste som in je hand te hebben.
Als een speler wegduikt, tellen alle spelers de waarden van hun kaarten op. Heeft de speler die wegdook effectief de laagste som, dan krijgt hij de reddingsboeikaart en legt die samen met zijn handkaart met de hoogste waarde onder zijn strandlaken. Van de andere spelers legt de speler met de hoogste som al zijn kaarten neer, de andere spelers mogen de handkaart met de hoogste waarde onder hun strandlaken leggen.
Als de speler die wegdook echter niet de laagste som heeft, dan neemt hij eveneens de reddingsboeikaart maar hij draait deze om. Op de achterzijde staan er namelijk negatieve punten (van -2 tot -4). De andere spelers volgen de procedure zoals hierboven beschreven.
Wie na vijf ronden de meeste punten heeft, wint Duck.
Copyright Henk Rolleman
Duck is een spelletje met een hoog Piet-gehalte. Dit is een intern kwaliteitslabel onder de bordspelmaniarecensenten en staat voor luchtige en vlotte tussendoortjes, het type spel dat Piet graag speelt. Wel Duck voldoet aan al die voorwaarden. Je legt het uit in een paar minuten, je speelt het in een kwartiertje. Klaar en je wilt meteen opnieuw. Wat moet een spel meer hebben?
Ik heb het gespeeld met drie, vier en vijf spelers. Leuk met alle aantallen van spelers maar het venijnigst met vijf. Wegduiken is makkelijker met drie, onvoorspelbaarder met vijf. Want er is altijd wel de een of andere onverlaat die je verrast met vier kaarten in zijn of haar hand met een totale waarde van 1 of 2. Er zitten namelijk ook kaarten met waarde nul in het spel. Tot mijn scha en schande ondervond ik dat wegduiken met een som van 1 of 2 geen garantie op succes is. Het tofste is dan dat de speler die jouw plannen dwarsboomde, je gigantisch zit uit te lachen, maar niet beseft dat een lachende derde op dat moment 8 punten verdiende omdat hij zijn hoogste handkaart onder zijn strandlaken mocht leggen.
Kijk daar kan ik nu van genieten zie. Duck, ideale afsluiter van een spellenavond!
- Duck (White Goblin Games, 2021)
- Auteur: Johannes Krenner
- Artwork: Sabine Kondirolli
- 3-5 spelers vanaf 8 jaar
- 15 minuten
- https://whitegoblingames.com/game/duck/
- Adviesprijs: 11,95 euro
