Calico is een spookstad in de buurt van de Mojawoestijn. Dat doet hier niks ter zake. Calico is ook een ander woord voor de kledingstof sits, een soort katoen. Met die stukjes katoen wordt een lapjesdekens of quilt gemaakt. Dat woord is afgeleid van het Latijnse culcita. Katten vertoeven nogal vaak in dromenland. Een aantrekkelijke quilt vinden zij een interessante rustplaats. Een culcita maken van calico, daar zit een spel in, dacht Kevin Russ.
Calico is eenvoudig. Naai lapjes aan uw quilt door tegels op een eigen spelbord te leggen. Daarbij is het belangrijk dat bepaalde patronen en richtlijnen gevolgd worden. De richtlijnen worden door drie opdrachttegels aangegeven. Patronen trekken katten aan.
Op een spelersbord zijn 25 lege zeshoekige velden. 3 vrij centraal gelegen velden worden met een opdrachttegel bedekt. Rond elke opdrachttegel passen 6 lapjestegels. Elk lapje heeft een kleur en een patroon. Op de opdrachttegel staat aangegeven welke combinatie (bijvoorbeeld 2 keer 3 dezelfde) punten oplevert. Een opdracht kan je voltooien met zowel kleur als patroon. Door een opdracht zowel in kleur als patroon te voltooien verdient u extra punten.
Terwijl u aan het naaien bent, wordt u in het oog gehouden door 3 paar kattenoogjes. Deze kieskeurige poezen zijn op zoek naar leuke patronen waarop ze lekker kunnen soezen.
Op uw lapjesdeken kunt u ook knopen naaien waardoor de waarde van de quilt stijgt. U ontvangt een knoop als u een groep van minstens drie gelijk gekleurde lapjesdekens maakt.
Het spel eindigt als de laatste lapjes gelegd zijn. De waarde van een quilt hangt af van het aantal geslaagde opdrachten, knopen en aangetrokken katten.
foto: Henk Rolleman
Calico ziet er prima uit. De tegels en de spelersborden zijn van uitstekende kwaliteit, de spelregels zijn duidelijk en gestructureerd. Calico is een abstract spel en daar veranderen de katten weinig aan.
In een beurt selecteert u één van beide tegels uit uw hand waarna uw hand terug wordt aangevuld met één van de drie tegels uit de voorraad. Tenslotte wordt de voorraad aangevuld met een tegel uit de zak. Dit mechanisme is niet nieuw en wordt in heel wat spellen toegepast.
Om op te vallen, moet dus iets toegevoegd worden. Dat doet Calico door kleur en patroon te combineren. U moet echt wel bij de pinken zijn om zo lang mogelijk zo veel mogelijk opties open te houden.
Die puzzel biedt heel wat uitdaging. Bovendien zorgen 6 opdrachttegels, 10 kat scoretegels en 10 verschillende scenario’s voor solospel ervoor dat de puzzel voldoende varieert.
Ik mis wel interactie en overzicht. Twee zaken die ik bij Carcassonne en Azul bijvoorbeeld wel terugvind waardoor zij heel wat andere spellen overstijgen. Of u Calico met 2, 3, 4 of alleen speelt maakt niet veel uit, de interactie is nihil. Een tegel pakken om een andere speler te dwarsbomen lijkt mij zinloos als u zelf niks met de tegel kunt aanvangen. Bovendien zorgen de kleuren en patronen ervoor dat het niet direct duidelijk is wat andere spelers nodig hebben.
De geluksfactor kan erg bepalend zijn. Tijdens het spel probeert u zo lang mogelijk alle opties open te houden. Het komt sowieso wel eens voor dat u een tegel moet leggen die niet in het verhaal past. Op dit moment moet worden beslist welk doel opgegeven wordt. Dat maakt de puzzel boeiender maar zorgt er eveneens voor dat op het eind een situatie wordt gecreëerd waarbij de juiste tegel (kleur en patroon) zomaar 10 of meer punten kan opleveren.
Calico is wat mij betreft goed maar geen topper. Ik mis een creatieve insteek waardoor het zich onderscheidt van wat al op de markt is. De combinatie kleur/patroon komt in de buurt maar zorgt tegelijkertijd voor een gebrek aan overzicht (andere spelers) en een iets te grote geluksfactor in de eindfase.
- White Goblin Games (2021)
- Auteur: Kevin Russ
- Artwork: Beth Sobel
- 1 -4 spelers vanaf 10 jaar
- 45 minuten
- Adviesprijs: €40
