Het spel bevat kaarten met sprookjesfiguren genummerd van één tot vijftig. Kaarten kunnen ook symbolen bevatten en/of speciale vaardigheden die punten kunnen opleveren. Het spel wordt gespeeld in drie hoofdstukken.
In het eerste hoofdstuk ontvangen alle spelers acht handkaarten. Iedere speler kiest tegelijkertijd een kaart, legt deze gesloten voor zich neer, en geeft de overige kaarten door aan de speler aan de linkerzijde. Dit herhaalt zich totdat de spelers nog één kaart op hand heeft. Deze kaart wordt uit het spel gehaald.
Dan begint het tweede hoofdstuk. De speler die het laatst een haas heeft gezien, begint een slag en kiest daarvoor één kaart uit zijn hand van zeven kaarten. De kaart met het hoogste getal wint en ontvangt een sterfiche (2 punten). Vervolgens worden alle kaarten nagelopen of deze ook punten opleveren aan de hand van vaardigheden op de kaarten. Daarmee kunnen harten (1 punt) en kristallen (2 kristallen is één punt) verdienen. Daarna leggen de spelers hun gespeelde kaart met daarop eventueel verdiende punten open voor zich neer. Degene die de slag heeft gewonnen, begint een nieuwe slag. Als alle kaarten zijn gespeeld en punten zijn toegekend, begint hoofdstuk drie.
In hoofdstuk drie worden alle gespeelde kaarten per speler nogmaals gewaardeerd en punten toegekend. Tenslotte worden alle punten per speler geteld en degene met de meeste punten is de winnaar.
Het spel is ontworpen door Joe Hout en het artwork is verzorgd door Jan Bintakis.
- Spelers: 2-4 spelers
- Leeftijd: vanaf 10 jaar
- Speelduur: 30 minuten
